LogoRld.jpg

header.jpg

Autochtone en streekeigen bomen en struiken

Streekeigen – of inheemse – bomen en struiken zijn soorten die van nature voorkomen in een bepaalde streek. Ze hebben zich in de loop der tijd aangepast aan het lokale klimaat en de plaatselijke bodem. Voorbeelden van streekeigen bomen en struiken zijn de beuk, linde, zomereik, tamme kastanje, hazelaar, haagbeuk, meidoorn, taxus, ...

Waarom kiezen voor streekeigen bomen en struiken in je tuin?

Streekeigen soorten hebben talrijke voordelen. Streekeigen bomen en struiken groeien sneller, hebben een langere levensduur en zijn beter bestand tegen plaatselijke weersgrillen, ziekten en (insecten)plagen. Streekeigen planten zorgen bovendien voor een vrolijk en wisselend kleurenpallet het hele jaar. In de winter zijn er bijvoorbeeld kale takken waar het zonlicht doorheen komt piepen, in de lente barst de boom/struik van de bloesems en of knopjes, in de zomer kleurt hij groen en in het najaar krijg je prachtige herfsttinten.

Met streekeigen bomen en struiken kan je tuin als het ware naadloos aansluiten op het omringende landschap. De plaatselijke dierenwereld (vlinders, vogels, egels, ...) hoeft geen wijde bocht om je tuin heen te maken, maar wordt net uitgenodigd om er te komen schuilen, eten en verblijven. De vruchtjes en zaadjes van de streekeigen soorten leveren een feestmaal voor deze beestjes.

De voordelen op een rijtje:

  1. - het plantsoen is niet duur
  2. - ze kunnen oud worden
  3. - landschapselementen met streekeigen soorten vormen een onvervangbaar cultuurpatrimonium uit ons agrarisch verleden
  4. - ze zijn goed bestand tegen ziekten en plagen
  5. - ze zijn aangepast aan de grillen van ons klimaat en onze bodems
  6. - streekeigen planten brengen natuur in je tuin

Nadelen van uitheemse siergewassen:

  1. - het plantsoen is relatief duurder
  2. - vaak gaan ze niet lang mee, conifeerhagen zijn lelijk na 15 jaar
  3. - ze spelen een minderwaardige rol in de natuurwaarde van je tuin
  4. - exoten kunnen in sommige gevallen explosief toenemen: bijvoorbeeld Amerikaanse vogelkers en eik, Japanse duizendknoop
  5. - door woekering van uitheemse gewassen, kunnen zeldzame planten letterlijk en figuurlijk in de schaduw komen te staan en verdwijnen
  6. - ze hebben vaak geen enkele waarde voor het landschap

Wat is autochtoon plantgoed?

Streekeigen plantgoed kan soms autochtoon zijn. Dat zijn plantensoorten die rechtstreeks afstammen van hun voorouders die na de laatste ijstijd, 10.000 jaar geleden het landschap “veroverden”. Hun genen zijn dus van onschatbare waarde omdat deze planten perfect afgestemd zijn op hun leefomgeving. Ze zorgen voor een evenwicht in de natuur. Dit noemen we autochtoon plantgoed.

Het planten van streekeigen, inheems plantgoed is aan een opmars bezig. Maar deze zijn meestal van buitenlandse afkomst en hebben andere genen dan de planten van hier. Dit plantgoed is dus niet autochtoon maar kan zich hier wel handhaven.

Waarom is autochtoon (nog) beter dan inheems?

Het autochtoon plantgoed maakt deel uit van ons cultuurhistorisch patrimonium. Het is daarom van bijzonder belang om er voor te zorgen dat ze niet verdwijnt. Daarnaast zijn er aanwijzingen dat het buitenlands plantgoed minder is aangepast aan ons klimaat en dus gevoeliger is voor ziektes en vorst. Meidoorn, sleedoorn of veldesdoorn uit de mediterrane streken komen hier sneller in de problemen.

Tijd voor actie

De autochtone populaties komen steeds meer in het gedrang. Daarom hebben de regionale landschappen actie ondernomen. Op verschillende locaties worden autochtone zaden en vruchten geoogst. Bekijk hier een fotoreportage van ons landschapsteam dat in enkele holle wegen in Bertem zaden en vruchten oogstte. Het opkweken ervan gebeurt door erkende kwekers. Zo zal er binnen enkele jaren een zelfstandige markt ontstaan van autochtoon plantgoed. Iedereen zal een authentieke boom of struik in zijn tuin moeten kunnen planten.  Ook bij werkzaamheden van de landschapsteams van de Regionale Landschappen zal dit plantgoed gebruikt worden (project Hagen, houtkanten en knotbomen).

Meer info over dit thema op de websites Plant van Hier en Agentschap voor Natuur en Bos.